)
Branchetoetsdocument: Verrichten van keuringen en onderhoud aan de opbouw van caravans en campers
Ingangsdatum: 15-07-2026
Branchetoetsdocument: Verrichten van keuringen en onderhoud aan de opbouw van caravans en campers
Profiel/niveau van de kandidaat: De kandidaat heeft 2 tot 3 jaar werkervaring als monteur in de werkplaats in de caravan- en aanhangwagen techniek. De kandidaat is bekend met de BOVAG-werkinstructie en heeft ervaring in het toepassen daarvan.
Werk- en denkniveau minimaal mbo niveau 2.
Initiatiefnemer: BOVAG caravan-, camper- en aanhangwagenbedrijven
Titel toets: Verrichten van keuringen en onderhoud aan de opbouw van caravans en campers
Toetsvorm en vraagvorm: Praktijkexamen inclusief theorievragen
Hulpmiddelen: Werkinstructie BOVAG caravan onderhoudsbeurt en Werkinstructie BOVAG camper opbouwbeurt
Mbo-niveau: 2
Tijdslimiet: 60 minuten
Cesuur: Maximaal voor één opdracht het cijfer 5, geen opdracht lager dan een 5. Het gemiddelde van de opdrachten moet een 6 of hoger zijn.
Het cijfer 5 wordt behaald bij het behalen van 50% van de maximale punten.
Het cijfer 6 wordt behaald bij het behalen van 60% van de maximale punten.
Datum: 15-07-2026
Belangrijk:
Onder opbouw van caravans en campers wordt verstaan: plaatwerk, lijsten, hang- en sluitwerk, isolatie, serviceluiken, dak, gasvoorzieningen, (vuil)watervoorzieningen, interieur, gemonteerde accessoires/voorzieningen en installaties/apparatuur tot en met het aansluiten daarvan (door middel van stekkerverbindingen) op het stroom- en gasnet in het voertuig.
Onder gasvoorzieningen wordt onder andere verstaan (niet-limitatief benoemd): kooktoestel, koelkast, kachel, boiler, oven, etc.
Onder watervoorziening wordt verstaan: de mogelijkheden van opslaan, vullen en afvoeren van (afval)water. Dit betreft zowel drinkwater als vuilwater (‘zwart’ en ‘grijs’ water).
Onder installaties/apparatuur wordt onder andere verstaan (niet-limitatief benoemd): koelkasten, verwarming, kookvoorzieningen, etc. Deze installaties/apparatuur zullen in de meeste gevallen (deels) uit elektrische en/of gas componenten bestaan, elektrisch en/of gas zijn aangedreven. Dit document beperkt zich tot het inbouwen en plug & play aansluiten van deze installaties/apparatuur op het net.
Onder accessoires/voorzieningen wordt onder andere verstaan (niet-limitatief benoemd): airconditioning, zonnepanelen, fietsenrekken, luifels, antennesystemen, audio/video, etc.
Met controleren wordt bedoeld: controleren op functionaliteit en eisen (wettelijk of van de fabrikant/leverancier).
Met beoordelen wordt bedoeld: beoordelen of het onderdeel/component voldoet aan de gestelde eisen of dat deze vervangen of onderhouden moet worden.
Toetsonderwerp 1: Constructie en interieur
1.1 De deelnemer kan de verschillende (wettelijke) richtlijnen en uitvoeringsregels, die betrekking hebben op de opbouw van caravans en campers, beschrijven.
Aandachtspunten: deugdelijk bevestigd, geen uitstekende delen, retroreflectie.
1.2 De deelnemer kan, in de basis, de verschillende constructiemethoden van de opbouw herkennen en de specifieke eigenschappen daarvan beschrijven.
Aandachtspunten: opbouw met aluminium beplating, stalen raamwerken, verzinkte stalen profielen in vol (PU) geschuimde wanden, polyester opbouw, etc.1.3 De deelnemer kan de staat/schade van de opbouw controleren en beoordelen.
1.4 De deelnemer kan de oorzaken van zogenaamde ‘zwevende of golvende’ vloeren herkennen, een passende reparatiemethode bepalen en deze toepassen.
Aandachtspunten: constructief, vocht, schade.1.5 De deelnemer kan de gevolgen beschrijven van vocht in een caravan of camper.
1.6 De deelnemer kan een vochtmeting uitvoeren.
1.7 De deelnemer kan de staat/schade van de opbouw van het interieur controleren en beoordelen.
Toetsonderwerp 2: Gasvoorzieningen
2.1 De deelnemer kan de BOVAG-gasnorm waaraan een gasinstallatie in recreatievoertuigen moet voldoen toepassen.
Aandachtspunten: NEN EN 1949.2.2 De deelnemer kan de bij gasvoorzieningen toegepaste begrippen beschrijven.
Aandachtspunten: bar, millibar, hoge druk, lage druk.2.3 De deelnemer kan de verschillende typen gasflessen en hun appendages herkennen en beschrijven.
Aandachtspunten: losse gasflessen, LPG-installaties.2.4 De deelnemer kan de verschillende typen gas die worden toegepast benoemen en beschrijven.
Aandachtspunten: butaan, propaan, LPG.2.5 De deelnemer kan gasflessen plaatsen en bevestigen volgens de BOVAG-werkinstructie.
Aandachtspunten: rekening houden met de inrichting van de gaskast.2.6 De deelnemer kan de keuringseisen van gasflessen beschrijven en kan daarnaar handelen.
2.7 De deelnemer kan de principewerking en de onderdelenopbouw van (onderdelen van) gasvoorzieningen beschrijven.
Aandachtspunten: veiligheidsventielen, gasdrukregelaars, aansluitingen, slangbreukbeveiliging, afsluitkranen, verdeelblokken, etc.2.8 De deelnemer kan de gasdichtheid en gasdruk testen met behulp van daarvoor bestemde testapparatuur.
2.9 De deelnemer kan gasslangen en gasleidingen aanbrengen, aansluiten en controleren volgens de geldende de toepassings- en verwerkingseisen en -voorschriften.
2.10 De deelnemer kan de eigenschappen, de onderdelenopbouw en het werkingsprincipe beschrijven van verschillende gasvoorzieningen.
2.11 De deelnemer kan verschillende typen gasvoorzieningen controleren, vervangen en aansluiten volgens de geldende toepassings- en verwerkingseisen en -voorschriften.
Toetsonderwerp 3: Watervoorzieningen
3.1 De deelnemer kan de verschillende verbindingsmogelijkheden van leidingen, de eigenschappen, de opbouw in onderdelen en het werkingsprincipe beschrijven van de watervoorziening in recreatievoertuigen.
3.2 De deelnemer kan onderdelen van de watervoorziening aanbrengen/vervangen/aansluiten volgens de vereisten voor inbouw en plaatsing; controleren en repareren/onderhouden.
Aandachtspunten: verschillende uitvoeringen van waterleidingensystemen en de daarin opgenomen pompen (dompelpompen, drukpompen).3.3 De deelnemer kan de te treffen veiligheidsvoorzieningen voor watervoorzieningen beschrijven.
Aandachtspunten: legionella, waterfilters.
Toetsonderwerp 4: Installaties/apparatuur en accessoires/voorzieningen
4.1 De deelnemer kan de (wettelijke) richtlijnen toepassen met betrekking tot het plaatsen van installaties/apparatuur en accessoires/voorzieningen die invloed hebben op de afmetingen, maten, gewichten en rijveiligheid van de caravan of camper.
4.2 De deelnemer kan de bevestiging van installaties/apparatuur en accessoires/voorzieningen controleren.
Aandachtspunten: deugdelijk bevestigd, geen uitstekende delen.
