Voorheen werden er ook praktijkervaringsvragen gesteld. Is dat nu niet meer nodig?
Dit examenonderdeel werd destijds geïntroduceerd om de praktijkervaring van kandidaten te toetsen zoals vereist in de Richtlijn 2014/45/EU Bijlage IV lid 1b waar staat: ‘ten minste drie jaar gedocumenteerde ervaring heeft, of iets gelijkwaardigs, zoals een gedocumenteerd mentoraat of gedocumenteerde studies, en passende opleiding op bovengenoemd gebied inzake wegvoertuigen’. In afstemming tussen IenW en IBKI is besloten dat veel diploma’s, waaronder hedendaagse mbo diploma’s (zowel BOL als BBL) en EVC, voldoen aan de in de 2014/45/EU gestelde eisen van drie jaar gedocumenteerde ervaring. Uitzonderingen zijn een HTS- of MTS autotechniekdiploma en het diploma Commercieel bedrijfsleider / ondernemer kleinbedrijf (niveau 4), met differentiatie Personenautotechniek of Bedrijfsautotechniek. Voor deze zal er een zogenoemde ‘Verklaring opgedane praktijkervaring’ moeten worden meegeleverd. Deze verklaring zal een vast format krijgen en via IBKI worden aangeboden aan de kandidaat. De verklaring moet naar waarheid worden ingevuld. Met deze verklaring wordt de ‘praktische ervaring’ aangetoond.
